vrijdag 19 februari 2016

Zoon hangt tegen mij aan. Eet een handvol Tucjes. Alsof er een paard naast me ligt die rauwe bloemkolen eet. Opeens staat hij op van de bank om zelf drinken te pakken. Komt niet vaak voor. Meestal is het ‘pap, nu je toch staat’… Vraagt zelfs aan mijn vrouw hoe het gaat. Die ligt op de bank en meldt vanonder een dikke laag dekbedden dat het goed gaat. Hij brengt haar drinken.

Ze is vandaag weer geopereerd. Tweede ingreep aan haar rechteroog. Dat begon met een gescheurd netvlies. Als het goed is komt het weer goed. Kan ze scherp kijken. Dat kon ze de afgelopen maanden, na de eerste ingreep, niet. Er zit nu geloof een neplens in van +23. Ik weet eerlijk gezegd niet waar die zit. Wij vermoeden aan de achterkant van de oogbol. En ik probeer niet te denken aan hoe ze die daar krijgen. Als ik me er een voorstelling van maak, denk ik aan Pirates of the Caribbean.

Ze moet nu een weekje rustig aan doen. Gaat zelfs niet werken. Tenminste, dat zegt ze nu. Daarna mag ze alles weer zien van de dokter.

Zoon leest dit stukje. Moet lachen. Nu volgt eigenlijk een andere zin, maar die moet ik weghalen van hem. Hij moet er wel heel erg om lachen, om de zin die ik niet mag opschrijven. Waarop mijn vrouw zegt dat we stil moeten zijn. Dat doen we dan maar weer.

We kijken naar Big Bang Theory. Daar moet nog The voor, zegt zoon, als hij ziet wat ik schrijf. Ik weet nooit wat ik daar van moet denken. Van die serie dan. Het is soms leuk, Kaley Cuoco is geen straf om naar te kijken, maar geen van de mannelijke hoofdpersonen was heel oud geworden in de streek waar ik ben opgegroeid.

Als ik die jongens zie, zie ik bloedneuzen, lek gestoken banden, spuug op de jas, porren in de agenda, een schooltas door de kantine. Allen tegen een. Apocalypse Now in het fietsenhok.

Ik werd al als een buitenbeentje gezien omdat ik van lezen hield. Al begon ook ik met Kameleon. Toen de film Grease een hit was, zei ik voor de grap dat het boek beter was. Mijn vriendjes keken naar me als een kip naar onweer.

Natuurlijk weet ik dat in zo’n comedy alles uitvergroot wordt, maar op de een of andere manier raakt het zo aan de wereld waarin ik ben opgegroeid dat het me soms de kriebels geeft. Als ik te lang naar Sheldon luister heb ik zin om met trottoirtegels te gaan gooien.

Zoon pakt zijn smartphone. ,,Zijn jullie nooit nieuwsgierig naar wat ik daar op doe’’, vraagt hij.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen