woensdag 4 november 2015

Ben bezig met een minitournee door Groningen. Nederland Leest is deze maand het credo bij de bibliotheken en aangezien er een verhaal van mij staat in het geschenkboek dat er bij hoort, sta ik in zes bibliotheken te orakelen. Voorlezen uit eigen werk.

Zo’n tournee is overigens in niets te vergelijken met wat in de mondiale pop- en muziekwereld onder tournee wordt verstaan. Mijn weg voert van Oude Pekela via Stadskanaal naar Veendam en de komende twee weken is het nog Winsum, Uithuizen en Ter Apel. Daar zijn geen T-shirts van.

Het leuke van een optreden in Stadskanaal, my hometown, is dat er altijd iemand is die je in dertig, veertig jaar tijd niet hebt gezien. Een oud-klasgenoot, iemand met wie je vijftien jaar lang in één team voetbalde. Of iemand die na afloop zegt: ,,Ik heb nog mit dien pa waarkt.’’

Die was er gisteravond niet in de Kanaalster bieb, Sinterklaas wel. Althans, een meneer die zich herinnerde dat hij inderdaad een jaar of veertig geleden thuis langskwam bij een jongetje die zijn been had gebroken. ,,Ik was schietensbenauwd veur joe’’, zei ik. ,,Was nait neudig west’’, antwoordde hij, ,,ik was ja Sinterkloas.’’

Met de oud-klasgenoot doorliep ik in gedachten de jaren op de St. Willibrord-school en gingen we turven wie er te traceren zou zijn voor een reünie. De meeste, al zijn er al drie dood. Ziekte, drank en drugs. Een stuk of wat zijn spoorloos. Het leuke is: al zie je iemand veertig jaar niet, je praat alsof je elkaar gisteren nog zag. Voor altijd verbonden, niet in de echt, wel in de jeugd.

Met de oud-teamgenoot sprak ik alleen bij het signeren. Ik word daar wat ongemakkelijk van, om een handtekening te zetten voor iemand met wie ik in vervlogen tijden drie keer per week naakt onder de douche stond.

,,Aal goud’’, vroeg ik hem.

,,Joa, mit die den?’’

,,Wie doun ons best.’’

,,Nou, moi, hé.’’

,,Hol hom dreuge.’’

Ook van dat voetbalteam wil ik wel een reünie. Gewoon, om elkaar weer te zien. Herinneringen ophalen, aan die goede oude tijd, toen we nog jong waren en de wereld nog voor ons lag. Nu ligt er meer achter ons dan voor ons. Zijn tweelingbroer kende ik net zo goed en zijn vader ook. Goed volk. Ik vond hem weinig veranderd en ik weet zeker dat hij dat ook tegen zijn vader en broer zegt: ,,Die Sandman is niks veranderd. Plaast nog net zo dom.’’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen