woensdag 4 februari 2015

Voorbij de Watertoren (46) - O ja, ook nog even over die windmolens

O ja, ook nog even over die windmolens. Want naast de gaswinning is dat een ander slecht verhaal dat ons op de barricaden dwingt. Niemand wil die dingen. Om de doodeenvoudige reden dat niemand kan uitleggen wat de nut en noodzaak is. Toch komen ze hier. Rara, hoe kan dat?

Windmolens zouden niet alleen niet in het noorden moeten staan, in heel Nederland niet, want het is niks. Het is een transitieenergie, een overgang tot we iets beters hebben gevonden en het rendement is, zo heb ik me laten vertellen, nog geen twintig procent. Twintig procent!

Als ik op mijn werk een rendement heb van twintig procent, dan zit ik geen week meer bij de krant.

Daarbij is het natuurlijk geen gezicht. Het enige dat we hier nog hebben, horizon, verdwijnt en als je bij zo’n ding in de buurt woont doe je geen oog meer dicht. Alleen al niet van ergernis.

Hoe kan het dus dat die windmolens er zijn en er nog meer komen, terwijl niemand ze wil?

Wij hebben politici, landelijke, regionale en lokale. Die zijn door ons gekozen, ze noemen zich ook graag – vooral in verkiezingstijd – volksvertegenwoordigers. Echter: zodra wij als volk zeggen: eh, lijkt ons geen goed idee, die windmolens, dan wringen ze zich in allerlei bochten om met tenenkrommend geleuter onze argumenten te weerleggen en in plaats daarvan een verkooppraatje houden dat ergens op een departement in Den Haag is bedacht.

Het vileine bij het windmolen-verhaal is, zo heb ik me ook laten vertellen, ja, ik laat me alles vertellen, zelf weet ik niks, dat er sinds 2001 een stapeling van besluiten is geweest, nationaal, provinciaal, lokaal. In kleine stappen, een voor een, is langzaam ruimte gecreëerd voor windmolens. Daar werd wel over gepubliceerd, maar minimaal. Zeg het wettelijk verplichte. Je had niks door tot je op een dag hoorde: mensen, er komen windmolens.

Dan kun je ‘ja maar dit en ja maar dat’ roepen, onze bestuurders zeggen dan: dat is een tijdje terug al beslist. Daar kunnen we niks meer aan doen. Had je kunnen weten.

Waarom moeten die dingen er komen?

Het begon in Kyoto. In 1997. De industrielanden spraken af dat ze allen een CO2-reductie van twintig procent zouden realiseren. Dat werd in 2000 bijgesteld naar veertien procent. Nederland zette in op windenergie. Met 6000 MW op zee en 6000 MW op land. Dat zou een vermindering van 8 à 9 procent opleveren. De rest moet met andere duurzame initiatieven lukken. Hartstikke mooi, niemand is tegen duurzaam, maar windmolens zijn niet duurzaam.

De verlangde CO2-reductie wordt bijvoorbeeld niet bereikt. Omdat Nederland geen opslagland is. Noorwegen en Duitsland wel, die hebben stuwmeren. Dat is van belang omdat het niet altijd optimaal waait. De energieopbrengst kent dus pieken en dalen, maar wij, als mensen met al onze huizen en zo, verlangen een gemiddelde stroom en dus moet je vooral de dalen opvangen met centrales.

Zo’n centrale, die is niet in vijf minuten van 0 naar 100. Denk aan een auto. Het meeste verbruik is bij een koude motor en bij accelereren. Dat betekent extra uitstoot, waarmee je de bespaarde reduktie in een keer weer te niet doet.

Waarom moeten veel van die dingen juist hier komen, in de Drentse en Groningse Veenkoloniën?

Tja.

Zelfde argument waarom er moeilijk wordt gedaan om de gaswinning te reduceren en waarom hier CO2 of kernafval in de grond zou moeten. Er wonen relatief weinig mensen, dus hebben er relatief weinig mensen last van. Ons probleem is dat wij net tot die ‘weinig mensen’ behoren.

Als windmolens het niet zijn, wat dan?

Niks wat dan. Er zit nog zeker voor 200 tot 250 jaar fossiele brandstoffen in de aardbodem. Dat geeft ons tijd om te studeren op dat waar de meeste energie te halen is: op moleculair niveau. Kernenergie, ja. Daar kleven nu nogal wat nadelen aan, bijvoorbeeld: waar moet je heen met het afval, maar we hebben dus nog 200 tot 250 jaar om daarop een antwoord te vinden.

Het enige voordeel van windmolens dat ik kan verzinnen is dat du moment onze volksvertegenwoordigers ook tot het inzicht komen, dit is het niet, wij rijk worden van het oud ijzer. Tot die tijd begrijp ik er helemaal niks van en blijf ik me afvragen: als er nu eens geen subsidie op zat, hoeveel windmolens zouden er dan nog staan?

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen