maandag 24 november 2014

Schrijfdagboek Milko’s bio (5) – Kill, kill



Mijn vader vroeg, toen ik bij de Groninger Gezinsbode werkte, elke week of ik nog bij FC Groningen was geweest. Hij dacht dat we zeven dagen per week met de hele redactie op het stadion zaten. Dat was niet zo.

Ik kwam er nooit. Ik schreef over cultuur, maar dat kwam niet bij hem binnen. Hij kon zich niet voorstellen dat daar droog brood mee te verdienen was. Daarbij: wat moest je ermee? Voetbal, daar draaide alles om.

Ik kan mijn vader geruststellen nu. Met een beetje geluk zit ik vanaf elke week in de Euroborg. Na de archieven van de NDC te hebben doorgespit ben ik nu toe aan wat er op de burelen van FC Groningen aanwezig is. Dat is veel. Heel veel. Ook over Milko Djurovski.

Milko Djurovski in Groningen was een geschenk voor alle journalisten die over voetbal schreven. Alleen al in het NDC-archief kreeg ik op zijn naam 644 hits. Dat is veel voor een periode van vier jaar. 644 gedeeld door vier keer 52 weken is drie keer per week in de krant. In aanmerking genomen dat er de helft van het jaar niet gevoetbald wordt, kwam hij dus zes keer per week in de krant. Dat waren niet de opstellingen.

De thematiek is overigens beperkt. Hij was geblesseerd, hij stond weer met de handen in de zij, hij scoorde weergaloos, hij wilde een transfer.

De communis opinio was even eensluidend: kan fantastisch voetballen, laat het te weinig zien, leeft er maar op los.

Groningen had gewaarschuwd moeten zijn. Het oudste artikel dat ik kon vinden, van 13 mei 1986, heeft als kop: ‘Joegoslaven wegens cafébezoek geschorst.’

Het zal geen verrassing zijn dat een van die Joegoslaven Milko Djurovski heette. Met doelman Ranko Stojic stortte hij zich op de avond voor een vriendschappelijke wedstrijd van Joegoslavie tegen toen nog West-Duitsland in het nachtleven van Bochum.

Mijn eerste gedachte was: Nachtleven in Bochum?

De bondscoach was not amused. De heren werden voor onbepaalde tijd geschorst.

Wij hebben nu goede herinneringen aan hem, maar het ging in de eerste maanden helemaal niet goed met Milko in Groningen.

De Macedoniër, toen nog Joegoslaaf, scoorde pas op 21 oktober 1990 tegen SVV (2-2) zijn eerste goal. Het wedstrijdverslag in het Nieuwsblad van het Noorden van een dag later vertelt het hele verhaal.

‘Milko Djurovski had een groot aandeel in de Groninger produktie. De Joegoslaaf, die tot dusver slechter speelde dan FC Groningen terwijl hij als individualist werd geacht beter te spelen dan zijn ploeg, leek aanvankelijk af te rekenen met zijn ondermaatse start in het in het Oosterpark. Hij zond eerst Ten Caat op maat in de diepte, waarna de kilometervreter beheerst afrondde: 1-1. En vervolgens scoorde hij zijn eerste treffer in Nederland, wat hem betreft het begin van een doorbraak naar de hogere regionen van de nationale topscorerslijst.

(…) Djurovski was uitgelaten en ook bij het publiek kwamen alle hoge verwachtingen weer los, getuige de staande ovatie. In de loop van de tweede helft zakte hij echter terug naar de anonimiteit, net als heel FC Groningen.

Zijn optredens leidden soms tot poëtische observaties. Zoals van Joost Galema in zijn verslag van Fortuna-FC Groningen in De Krant op Zondag: ‘De Joegoslavische dribbelaar Milko Djurovski sjokte over het gras als een mismoedige kolenmijnwerker, die afgepeigerd uit de nachtdienst komt.’

Hoewel het met de FC uitstekend gaat, moet algemeen manager Henk Nienhuis zich nadrukkelijk met de Macedoniër bemoeien om hem aan de club en de club aan hem te laten wennen. Ook Jan van Dijk en Jos Roossien investeren in hem.

Met resultaat.

De doorbraak komt op het trainingskamp in Marbella die winter. Het Nieuwsblad van het Noorden constateert op 12 januari 1991, vanuit Spanje: ‘Zelfs Milko Djurovski staat niet langer ter discussie, de Joegoslavische vedette is met al zijn nukken een geaccepteerd verschijnsel. (…) Iedereen beseft het: dat eigenzinnige karakter van hem veranderen is zoiets als de tandpasta proberen terug te duwen in de tube.

Journalist Bouke Nielsen ziet ook dat hij het wel kan. Als hij geprikkeld wordt: ‘…wanneer hij op de training ook maar even wordt getart, dan laat hij onmiddellijk zijn klasse blijken. Tijdens een oefeningenserie, waarbij met twee keer raken afgewerkt moet worden, scoort Djurovski na drie keer raken. Doelman Lodewijks reageert heftig: ,,Telt niet, drie keer geraakt.’’

De volgende bal jaagt de geprikkelde Joegoslaaf in een keer het kruis in en Lodewijks kan slechts machteloos toekijken.

Een andere observatie van Nielsen: ‘Djurovski staat intussen midden in de groep en toont permanent zijn gulle hart. Al staan er dertig man om hem heen in de lounge, hij bestelt voor iedereen wat te drinken. En waag het niet zijn aanbod af te wijzen. Algemeen directeur Henk Nienhuis is de goedgeefsheid een doorn in het oog, want hij is bang dat de Joegoslaaf op die wijze alleen maar profiteurs om zich heen verzamelt ,,En daarom moet je hem ook tegen zichzelf in bescherming nemen.’’’

Daarna gaat het goed, zij het niet constant. Thuis tegen SC Heerenveen (3-0) registreerde verslaggever Harrie Hesseling dat er zoveel kansen worden gemist dat het bijna hilarisch wordt: ‘De vaak onpeilbare Milko Djurovski spande hierbij de kroon. Zijn serie missers van uitzonderlijk kaliber zorgden, bij gebrek aan spanning, zelfs voor het meeste vertier op de tribunes. Toch kreeg de Joegoslaaf de bal warempel nog een keer achter doelman Swager, die eerder door Veenhof en Huizingh was gepasseerd.’

FC Groningen doet nadrukkelijk mee dat seizoen en tart de hegemonie van Ajax en PSV. Al houdt iedereen een slag om de arm. Milko Djurovski is de enige die hardop roept voor de titel te gaan. Hij was met Rode Ster Belgrado en Partizan Belgrado niet anders gewend.

Een cruciale wedstrijd is die tegen Amsterdam, in De Meer. Groningen heeft Ajax op de knieën, drukt alleen niet door. Dáár lieten de groen/witten het liggen en hoewel in mijn herinneringen Milko in die partij een half elftal vrij voor keeper Stanley Menzo zet, krijgt hij slechts een 6. Het hele elftal komt trouwens niet boven de 7 uit.

Bouke Nielsen, de verslaggever van dienst verklaarde dat later met: ,,Als je een vedette bent moet je in zo’n wedstrijd het verschil maken. Hij maakte het niet gewoon af.’’

De berichten over Milko gingen niet alleen over voetballen. Zelfs zijn rijlessen haalden de krant. Hij had een rijbewijs, maar verspeelde dat omdat hij na militaire dienst vergat het te laten verlengen. Zijn idee was dat hij het papiertje sneller hier kon halen dan via de Joegoslavische papiermolen,

Volgens Henk Nienhuis verliepen de rijlessen op bijzondere wijze: ,,Zo schijnen in Joegoslavie paarden in het verkeer zowat vogelvrij te zijn. Dus reed Milko in zijn eerste les bijna een politie te paard van de sokken. Zijn lessen verlopen nogal chaotisch, hij is vrij wild achter het stuur. Zijn rij-instructeur heeft er moeite mee om Milko enige verkeersdiscipline bij te brengen.’’

Hij slaagde overigens in een keer voor het praktische gedeelte (over de theorie deed hij twee keer), maar rijschoolhouder Herman Schomaker fronste menigmaal zijn wenkbrauwen: In Joegoslavië was hij geen fietsers gewend en tijdens de eerste lessen riep hij, elke keer als een rijwiel zijn pad kruiste: ,Kill, kill.’

Terwijl ik in de archieven zit is Zora, de tolk bij dit boek, in Belgrado. Ze gaat er de eerste contacten leggen en zal een boek meenemen. Een boek over de broers Djurovski, over hun jonge jaren, over hoe ze als kind van onder moeders rokken naar het internaat van Rode Ster Belgrado gingen. Dat gaat ze vertalen en dat zal een belangrijke basis worden voor mijn boek. De tijd van Milko in Groningen is goed gedocumenteerd, maar wat daaraan voorafging, daar ben ik erg nieuwsgierig naar.

O ja, alles in de Euroborg ademt voetbal en overal zie je de kleur groen. Zelfs op de sandwiches.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen