woensdag 10 december 2014

Voorbij de Watertoren (39) – De installateur en de timmerman

Als ik klus maak ik minder rommel dan mijn zoons die chocopops eten, maar achteraf denk ik: dat had beter iemand anders kunnen maken. Mijn vrouw vindt dat gezeur. Hoort gewoon bij man zijn. Ze denkt ook dat ik een ambachtsman makkelijk level, terwijl het koude zweet me over de rug loopt als de bel gaat en ik weet: dat is de installateur.

De installateur

,,Moi.’’

,,Dag heer. Welkom in dezen dreven.’’

De man fronst zijn wenkbrauwen.

,,Woar moat ik wezen?’’

,,Dai kaante op, doar is koamer.’’

Dit deed ik goed.

,,Wat is de bedoeling?’’

Ik leg uit hoe we het gedacht hadden. Ik let op hoe hij kijkt. Voorzichtig vraag ik: ,,Kin dat?’’

,,Alles kin.’’

Dat kan twee dingen betekenen. Geen probleem. Of: kan, maar kost geld. Veel geld.

,,O ja. Doar stait n transformator. Dai willen we oet zicht. Dai woaterlaaidings mouten ook oafsloaten. Doar stond oafwasmachine.’’

,,Oh.’’

,,Den mouten ie onder vlour zeker?’’

,,Joa.’’

,,Doun joe dat ook?’’

,,Is grond dreuge?’’

,,Volgens mie wel.’’

Hij kijkt mij aan, vertrouwt het niet. Ik herinner me de kletsnatte rug van de vorige installateur.

,,Moar elektrisch is dit te doun toch? In principe is t allendig oafbreken.’’

,,Ik zal wel even zuiken mouten. ’k Mout waiten wat ik dou.’’

Heeft ie een punt. Maar het is ook weer geen deeltjesversneller die in ons huis komt. Terwijl ik aan de keukentafel een stukje intik (niet dit stukje) zie ik dat het zo wordt zoals wij het bedoeld hadden.

,,Koffie?’’

,,Mag wel.’’

Broodje eten doet ie op de zaak. Daar ben ik blij om. Ik heb niks tegen die man, maar waar moet je het over hebben aan de keukentafel?

,,Kin wezen dat ik der nait bin straks. Mout even mien zeuns ophoalen.’’

,,Hou kom ik binnen?’’

,,Achterdeure is lös.’’

,,Oal goud.’’

Uiteraard lukt het niet in een dag. Hij was later begonnen. Moest eerst andere klus afmaken: ,,Wie hebben t smoardrok op t moment.’’ De volgende dag ben ik niet thuis, maar in een dorp kun je de deur open laten. We hoeven ook geen handtekening zetten of zo. De rekening komt vanzelf.
 

De timmerman

Komt drie dagen later. Die hadden we een week eerder willen hebben, maar de timmerman kan niks als de installateur niet is geweest. En die had het dus smoardrok. De timmerman begint zoals alle timmermans beginnen als ze een huis binnenkomen en, bijvoorbeeld, de dakconstructie zien: ,,Hou hebben ze dat wel doan?’’

Ik ga me dan verantwoorden voor hoe anderen het huis dertig jaar geleden hebben gebouwd. Zoveel te nauwkeuriger hij de situatie in ogenschouw neemt, des te meer praat ik. Onzin. Als ik dat inzicht had, hoefde ik geen timmerman inhuren.

,,Doe redst die? Gai ik boodschappen doun.’’

..Neenee, moust mie helpen.’’

,,Wat mout ik doun den?’’

,,Plaanken vastholden.’’

Dat is mijn rol. Op het werk bluf je dat je de keuken verbouwt, in werkelijkheid doen de ambachtsmannen dat. Jij geeft gereedschap aan.

,,Kist doe dai kaante vasthouwen? Kin ik hier verder.’’

Dat gaat niet best. Terwijl hij de spijkers er in vijf slagen in heeft, doe ik het met twintig: ,,Oh, ik houw ook deuken in de plaanken zug ik.’’

,,Dat moet je niet doen’’, bemoeit mijn vrouw zich ermee.

,,Wat denk je dat ik probeer?’’

Halverwege de dag moet ik zandcement halen, voor een vloertje. Ik dacht beton is beton, cement, specie, geef het een naam, maar dat had ik gedacht.

,,Zeg moar bmx groen, den waiten zai t wel.’’

Ik deed bij de bouwmarkt niks anders dan ‘bmx groen’ zeggen, maar ik had net zo goed om vier kwadraatmeter lapdance kunnen vragen. Ik dacht aan die tekening van Peter van Straaten toen ik de timmerman belde en zei: ,,Wacht, ik geef die vent van de Hubo zulf even.’’

Aan het einde van de dag zit het nieuwe plafond er in. Als ik de timmerman vraag of hij morgen weer komt, kijkt hij mij aan: ,,Mörgen waark ik nait.’’

,,Dat zoldertje den?’’

,,Kist doe zulf.’’

,,Die betonvlour?’’

,,Ook nait zo moeilijk.’’

,,Moar ik mout nog schilderen.’’

,,Lopies waark.’’

De volgende dag werk ik zo goed en kwaad als het gaat het zoldertje af, stort de vloer en schilder de muren, onderwijl mijn vrouw krant en iPad leest, mijn zoons gamen en als ze naar opa en oma zijn voor een tweede pakjesavond, dweil ik, nadat ik de kwasten heb afgespoeld, nog even de geknoeide chocopops op.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen