donderdag 26 juni 2014

Campingvoetbal, doe het niet

De trainer geeft zijn speler een schema mee. Voor in de vakantie. De speler heeft daar uiteraard geen zin aan, maar om niet helemaal als een ontplofte gehaktbal op de eerste training te verschijnen kiest hij voor de tussenoplossing: campingvoetbal. Een half uur partijtje in Zuid-Frankrijk staat gelijk aan anderhalf uur duurtraining in Nederland, nietwaar?

Als je coach vraagt of je nog wat hebt kunnen doen, hoef je bovendien niet te liegen. Er is echter een probleem: campingvoetbal is in negen van de tien gevallen zo slecht geregeld dat al in de eerste helft mensen zonder boeh of bah uit het veld lopen en niet meer terugkeren.

Voeteball op de riever

 
Als bij de wc’s in drie talen staat aangeplakt: ‘Ce soir à huit heures match de football à la rivière’, ‘8 o clock football by the river’, ‘8 uren voeteball op de riever’, dan denk je: leuk, maar als je om vijf voor acht arriveert weet je: dit wordt niks. Behalve jou staan er twee Nederlandse jongetjes in Sneijder en Robben-shirts, terwijl verderop drie zwaar behaarde Fransozen in het gras liggen te wachten.

Als je geluk hebt kun je om kwart over acht terug naar de tent, als je pech hebt komt er net op dat moment een groep van twintig man aankakken, onder aanvoering van de Amsterdammer met de grootste bek van de camping.

Arie, een kanjer

 
Die Amsterdammer heet altijd Danny. Als je tegen Danny zegt dat je normaliter in de spits staat, posteert hij jou linksback. Voor de spitspositie heeft ie namelijk Arie: ‘een kanjer’. Arie is de vriend van Danny. Arie is een Amsterdammer met een zo mogelijk nog grotere bek en een pens waar je u tegen zegt, maar volgens Danny ‘heb Arie in het tweede van Ajax’ gespeeld. Lang geleden dan, want Arie’s buik past net niet onder een vaal T-shirt met het opschrift ‘Café De Kroon, Benidorm’ en hij draagt schoenen van het merk Pony, dat erg populair was toen DS ’79 nog bestond.

Arie kan natuurlijk niks, behalve keihard vloeken na een mislukt schot. Na vijf minuten gutst het zweet van zijn hoofd, zodat duidelijk wordt waarom hij voetbalt met een handdoek om zijn nek. Naarmate de wedstrijd vordert gaat ie vaker naar de kant, steeds langer ook, zodat er tijd is voor een sigaretje, tot ie het twintig minuten na rust voor gezien houdt en met een ‘godskolere, hier had papa effe zin an’ in een teug een halve literblik Felsgold naar binnen klokt.

Elke bal op doel

 
Overbodig te zeggen dat Arie elke bal op het doel knalt. Kaatsen, balletje breed of een steekpassje als jij weer eens de ruimte in duikt is aan hem niet besteed. Nee, hij heb bij Ajax gespeeld en hem ‘hoef je dus he-le-maal niks over voetbal te vertelluh’. Dankzij hem ligt de wedstrijd wel om de haverklap stil, omdat de keeper de bal of uit de rivier moet halen of in de keurig aangeveegde voortent van geïrriteerde pensionado’s excuses moet aanbieden omdat Arie de bal volledig verkeerd raakte en hun skottel braai omver kogelde. Aan de andere teamgenoten heb je nog minder, omdat ze of te jong zijn, of omdat al die zwijgzame Fransen, die je tot dan nog nooit hebt gezien, denken dat ze Zidane himself zijn. Als ze al een bal afgeven is het naar elkaar, zodat het kan gebeuren dat je met 10-5 voorstaat zonder een bal te hebben aangeraakt. In Normandië, de Jura, de Dordogne en in de Cévennes, het is overal hetzelfde.

Als er al een scheidsrechter is, is dat of een oudere Fransman half in de lorum, of het betreft iemand van het animatieteam. Dan ben je helemaal klaar. Het animatieteam bestaat uit jongens en meisjes die in de vakantie wat bijverdienen door jeugd bezig te houden, maar ze houden vooral elkaar bezig. De groep krijgt een tent of caravan van de campingbaas en daar hoor je altijd, zelfs midden op de dag, neukgeluiden. Terwijl iedereen keurig om elf uur het licht uitdoet, is dat de enige plek waar het de hele nacht onrustig blijft. Met als gevolg dat de heren en dames overdag niet vooruit te branden zijn en niks beters weten te verzinnen dan een waterpolowedstrijd.

Waterpolo

 
In de 48 jaar dat ik leef ben ik slechts twee mensen tegengekomen die aan waterpolo deden, maar het animatieteam gaat er vanuit dat elke campinggast over voldoende techniek en conditie beschikt om zich een uur lang in het diepe drijvende te houden en voldoende puf over heeft om een bal te gooien.

Ik heb het meegemaakt dat mijn zoontjes in het kikkerbadje lagen te ploeteren en er zo’n chagrijnig huppelkutje met twee doeltjes en een bal arriveerde. Ze formeerde twee teams, floot voor aanvang van de wedstrijd, draaide zich om en begon een flirterig gesprek met een langslopende jongen, zonder verder acht te geven op de kinderen. Toen de jongen doorliep pakte ze bal en doeltjes weer op en vertrok.

De neiging om ook gewoon weg te lopen is bijna onbedwingbaar als Danny in de overtuiging is dat hij jou en ook alleen jou moet coachen. Omdat niemand op zijn positie blijft is er geen enkele reden om linksback te blijven, maar zodra jij over de middellijn loopt hoor je Danny schreeuwen: ‘Hé Koeman, wel effe op je plek blijfe.’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen