woensdag 14 januari 2015

Voorbij de Watertoren (43) - Ik was dus dood


Ja, ik was dus dood. Dat had ik zelf niet door, maar mijn gezin was in de overtuiging: hij is weg. De reactie van mijn gestel op een fiks gestoten teen bleek dusdanig dat ik met open mond en rollende ogen op een stoel zat, geestelijk van de wereld.

Een greep uit de reacties. Mijn vrouw: ,,Ik dacht: ik blijf alleen over.’’ Mijn oudste zoon: ,,Blijf praten, papa.’’ Mijn jongste zoon: ,,Ik dacht: nu is er vandaag geen feestje.’’

Dat viel mee. Ik was alleen flauwgevallen en net toen mijn betere helft 112 stond te bellen, kwam ik bij: ,,Niet doen. Gaat alweer beter.’’

Het duurde even voordat ze van de schrik waren bekomen. Wat zij hadden meegemaakt en ik niet, was dat ik een korte periode nergens op reageerde. In mijn beleving was ik volledig bij kennis. De seconde van het ontwaken volgde direct op de seconde vlak voor het wegvallen. Daartussen was niks. Nergens licht aan het einde van een tunnel, mijn leven flitste niet voorbij en nergens stond Lucifer grijnzend te zwaaien.

Mijn teen, dat was het probleem. Die deed echt zeer.

In een doldrieste actie had ik vol uitgehaald naar de FC Groningen-bal waarmee mijn jongste zoon aan het jongleren was. Alleen raakte ik die niet, maar de rand van het opstapje in de keuken, net op de plek van een gescheurde tegel.

Ik voelde pijn en zag een teen, of meerdere, die aan gort waren. Minstens drie, dacht ik. Ik bloedde als een rund en vreesde zelfs dat de topjes er half bij hingen. Met een verrassende tegenwoordigheid van geest greep ik een theedoek, wikkelde die om de voet en ging in een stoel zitten.

Mijn vrouw was op het geschreeuw afgekomen en vroeg hoe het ging.

,,Nou, niet heel goed.’’

,,Wat is er gebeurd?’’

,,Ik trapte met mijn voet tegen het opstapje.’’

,,Dat is niet handig.’’

,,Nee, dat weet ik nu.’’

,,Hoe gaat ie?’’

,,Eh, niet goed.’’

Waarna er iets in mijn hoofd gebeurde. Ik werd misselijk en duizelig. Eerst een beetje, maar dat werd snel erger. Overigens geen onbekend gevoel. Dat kende ik van een schoolreisje naar Parijs. Vinger tussen de balkondeur, gloeiende pijn en zelfde reactie: misselijk en duizelig.

,,Ga met je hoofd tussen je benen’’, zei mijn vrouw, ,,dat helpt als je misselijk en duizelig bent.’’

,,Geen zin aan. Ik ben misselijk en duizelig.’’

Mijn idee was het voorbij te laten gaan, zoals de vorige keer. Maar ik ging volledig out.

Waarna zij in de stoel zakte en dacht: dit is het dan.

Dat ik dit nu opschrijf en publiceer is niet het meest geschikte moment, want dit is tussen twee doden in. Echte doden, waar ik mee te maken heb. Niet als direct naaste, maar evengoed ken ik de verhalen. De een zo weg, de ander na een ziekbed.

Juist daarom voelt het zo raar. Al is die gedachte ook raar, want met mij was eigenlijk niet zoveel aan de hand. Ik ben niet in levensgevaar geweest, ik was niet eens op weg. Ik stootte alleen een teen.

Mijn vrouw kon er niet over uit: ,,Ik dacht: zo gaat dat dus.’’

In haar beleving was ik echt opgestaan uit de dood.

,,Ik heb je hoofd nog vastgehouden. Weet je dat niet?’’

,,Nee.’’

,,Dat is dus wel zo. Ik dacht: die heeft een hartaanval. Wij gaan dus ook op dieet morgen. Geen drank meer, geen ongezond eten. Meer sporten.’’

,,Nounou. Moet dat nu? Laat me even bijkomen. Bovendien komt er zo visite.’’

Ik wilde overgaan tot de orde van de dag. Dat ging alleen lastig. Niet alleen omdat mijn vrouw het hele verhaal in geuren en kleuren vertelde aan iedereen die binnenkwam en er kwamen veel binnen, ik liep moeilijk en op advies van een zwager, ging ik op de bank zitten en bleef zitten. Normaliter ren ik op zo’n feestje rond om de hele santemekliek te voeden, nu deed ik niks. Hij zei dat ik het been hoog moest houden en best een glaasje wijn aankon: ,,Natuurlijk. Waarom niet? Verdooft toch?’’

Mijn vrouw keek hem met een schuin oog aan, maar durfde niks te zeggen. Hij is arts.

Een andere zwager had ook een advies: ,,Maandag in de wet zeker?’’

,,Met welk verhaal dan: ik was dood?’’

,,Die teen is toch kapot?’’

,,Ik heb zittend werk. Het is één teen.’’

,,Nou en?’’

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen