Posts tonen met het label Nooit Meer Slapen. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Nooit Meer Slapen. Alle posts tonen

vrijdag 14 februari 2014

Nooit Meer Slapen (5) - Open brief aan Grote Broer

Dag CIA, NSA, Google, Facebook en AIVD,


Ik begrijp dat jullie, of een andere mij onbekende entiteit, mijn gangen nu ook kunnen nagaan via de anonieme OV-chipkaart.

Dat is knap, technisch gezien, maar ik wil even laten weten dat het een zinloze bezigheid is. Je moet mij niet hebben. Ik ben een wat traditionele man zonder terroristische ambities. Ik woon in Oost-Groningen en dat wat hier nog overeind staat, staat op instorten, dus een aanslag in deze contreien is hetzelfde als nasi meenemen naar de Chinees.

Zoals de meeste Groningers kom ik weinig buiten de provincie. De kans dat we ons op de brommer in een soort nine/eleven-actie in Het Torentje boren is nihil. Zie de protesten tegen de gevolgen van gaswinning. Los van een enkele tweet houden we het netjes. Sinds het beleg van Bommen Berend in 1672 is het hier redelijk rustig.

Mijn bewegingen als consument in kaart brengen is ook vergeefse moeite. Boodschappen doe ik elke zaterdag bij C1000 of Jumbo, groenteboer Vos in Sappemeer en Bakker Dijkman in Slochteren. Mijn vrouw koopt mijn kleren. Op zaterdagavond zitten we voor Midsomer Murders en soms, als zij in slaap valt, kijk ik voetbal.

Mocht er wat van mij bijzitten tussen die 1,8 miljoen telefoontjes, bespaar je de moeite van het uittikken. Wij praten onderling Gronings en de thematiek beperkt zich tot: ’t was niks, ’t is niks en ’t wordt niks.

O ja, als ik de OV-chipkaart gebruik, is het om in de stad te gaan zuipen.

Groet, Herman

P.S. Als er toch iets verandert, wil ik dat zelf ook wel doorgeven. Zeg maar waar ik moet zijn.

(Uitgesproken in de nacht van 14 op 15 februari, in het VPRO-radioprogramma Nooit Meer Slapen, in de rubriek 'Schrijvers over de actualiteit'. Het stukje gaat over de toenemende mogelijkheden om alles, maar dan ook alles van iedereen te achterhalen. Te beluisteren via deze link, even na het journaal van 01.00 uur)

donderdag 13 februari 2014

Nooit Meer Slapen (4) - Mama, mag ik dood?

Ze keek hoe de nachtzuster met een druk op de knop de dosis verhoogde. Een simpele handeling. Zij had het kunnen doen, ware het niet dat moeders natuurlijk nergens aan mochten komen.

De extra morfine garandeerde het jongetje een rustige nacht. De slaap zou zo komen en dat gaf haar de gelegenheid zich te installeren. Ze schoof de stoel tussen het bed en het raam, waarvan de gordijnen open bleven. Dan kon ze, met het boek op schoot, af en toe naar buiten kijken.

Zo bracht ze elke week een paar nachten door aan het bed van haar zieke zoon. Het waren zeldzame momenten van rust in een leven dat bijna 24 uur per dag gedicteerd werd door pijn. Als hij sliep leek het of er niks aan de hand was.

Dankzij de morfine hoefde het kleine lichaam even niet te vechten. Dan was er even geen dokter, geen geworstel om voedsel binnen te krijgen en te houden, geen testen, geen bezoek, geen verdriet, geen vragen.

In de nacht was ze gewoon een moeder bij het bed van haar achtjarige zoon. Zoals ze vaak had gedaan na zijn geboorte. Ook toen hield ze ervan om, na de voeding van drie uur, in het donker te blijven zitten. Gewoon, omdat het fijn was een kind te hebben.

Ze sloeg het boek open, wilde haar hand tegen hem aan leggen en keek even opzij. Recht in een paar grote ogen. Hij was klaarwakker. Ze wilde hem een kusje geven, maar hij hield haar tegen: ‘Mama, mag ik dood?’

(Uitgesproken in de nacht van 13 op 14 februari in het VPRO-radioprogramma Nooit Meer Slapen, in de rubriek 'Schrijvers over de Actualiteit'. Aanleiding is de wijziging in de Belgische euthanasiewet die donderdag 13 februari 2014 is bekrachtigd. Die aanpassing geeft ook minderjarigen het recht om levensbeëindiging te vragen. De grens lag in België bij 18 jaar. In Nederland geldt een ondergrens van 12 jaar. Te beluisteren via deze link, even na het journaal van 01.00 uur)

Nooit Meer Slapen (3) - Vrijstaat Groningen

Rutte vloekte. De premier wist wel dat dat van zijn moeder niet mocht, maar de situatie vroeg er om. Die stomme boeren hadden de Vrijstaat Groningen uitgeroepen.

Hoe ze het hadden klaargespeeld was een raadsel, maar het scheen gelegitimeerd te zijn door drie bepalingen in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Iets met recht op leven, recht op eigendom en recht op family life. Als dat geschonden werd kon een landsdeel zich afscheiden om haar inwoners te beschermen.

Dat had Groningen vanochtend gedaan. Commissaris der Koning Max van den Berg was geïnstalleerd als staatshoofd en Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten als kabinet en kamer. Die fucking noorderlingen hadden de toegangswegen, het waren er niet veel, geblokkeerd en, het ergste, de gaskraan dichtgedraaid.

Rutte begreep het niet. Henk had 1,2 miljard euro beloofd en gezegd dat het goed kwam met veiligheid, schadeafhandeling en preventie. Dan kwam het ook goed. Kwestie van vertrouwen.

Goed, de aardbevingen bleven, maar er waren regelingen en de bevolking mocht aan de Dialoogtafel meepraten. Meer kon zijn regering echt niet doen. Nederland had het gasgeld nodig nu. Wat dachten die Groningers? Dat ze die 150 miljard euro die nog in de grond zat zelf mochten houden?

Dacht het niet.

Hij, Mark Rutte, zou ze wel even ompraten. Hij had zich overal uitgekletst. Terwijl de dienstauto met 180 per uur richting het voormalig land van suikerbiet en strokarton, nu van koolzaad en aardgas, raasde, ging de telefoon. De koning. Hij vloekte, ‘sorry mam’, nog een keer.

‘Hoi Mark, met Willem-Alexander. Ik neem aan dat het een grap is.’
 
(Uitgesproken in de nacht van 12 op 13 februari, in het VPRO-programma Nooit Meer Slapen, in de rubriek 'Schrijvers over de actualiteit'. Het stukje is geïnspireerd op de gaswinningsproblematiek in Noordoost-Groningen. Te beluisteren via deze link, even na het journaal van 01.00 uur)

woensdag 12 februari 2014

Nooit Meer Slapen (2) - Alledaags ongeluk

Het duurde even voordat hij duidelijk kon maken dat hem niks mankeerde. Zijn stem trilde, de woorden kwamen moeilijk en de stevige wind leidde af.

‘Nee, ik heb niks. Alleen wat blikschade. Nou ja, beetje veel blikschade.’

Ze vroeg hoeveel.

Hij keek naar de auto. De linkerkant van de Renault zat in elkaar, twee lekke banden en grill en spoiler aan de voorkant zaten los.

‘Zat je te bellen of zo?’

Nee, maar hij kon ook niet goed uitleggen wat er wel was misgegaan. Bij het invoegen was de andere wagen ineens achter hem opgedoken. Gegier van remmen, een paar doffe klappen en nu stonden ze met vier auto’s in de berm. Een paar agenten waren bezig de bestuurders te ondervragen, anderen brachten het verkeer weer op gang. Zes kilometer file. Hij was nu een regel verkeersinformatie.

‘Maar hoeveel is beetje veel?’

‘Total loss ben ik bang.’

‘Ah nee.’

Haar reactie was begrijpelijk. De auto had net een beurt gehad en twee nieuwe schokbrekers achter. Daarmee bleef een beetje spaargeld over. Te weinig voor een andere auto. Ze hadden een probleem.

‘Maar ik ga hangen. Ik moet Henk zeggen dat ik later ben. Als ik al kom. Dit gaat even duren. Ik zie wel hoe de dag loopt.’

Ze vroeg waar hij stond.

‘Op de A10 richting Slotervaart…’

Hij aarzelde. Het was even stil aan de andere kant van de lijn en toen vroeg ze: ‘Maar die kant moet je toch helemaal niet uit naar je werk?’

(Uitgesproken in de nacht van 11 op 12 februari in het VPRO-radioprogramma Nooit Meer Slapen, in de rubriek 'Schrijvers over de actualiteit'. Het verhaaltje is geïnspireerd op de eenregelige opmerkingen bij de verkeersinformatie, over een file na een ongeval. Die ochtend stond er een van 6 kilometer op de A10 richting Slotervaart. Te beluisteren via deze link, even na het journaal van 01.00 uur)

dinsdag 11 februari 2014

Nooit Meer Slapen (1) - Het zwijgen van Noordhorn

De burgemeester had een probleem. Ronald Plasterk, geliefd vanwege zijn openheid, kwam op werkbezoek en wilde in Noordhorn vooral praten met ‘de burger’. Op de vraag of er inwoners van het Groningse dorp waren die met de minister van gedachten wilden wisselen kwam echter geen reactie.

Noordhorn besloot te zwijgen.

Dat had overigens minder met Plasterk te maken dan met de Groningers zelf, wier doen en laten wordt gesierd door een enorme bescheidenheid. Er zijn weinig noorderlingen die graag op de voorgrond staan en spraakzaam zijn.

Helemaal in de buurt van een politicus. Je weet immers nooit of een opmerking of losse gedachte in een onbewaakt ogenblik niet later tegen je wordt gebruikt.

Wat de lokale bestuurders probeerden, wat de Groninger niet wil, dat wil hij niet, met als gevolg dat Plasterk van Noordhorn – via Aduard – naar Den Horn wandelde met naast zich de usual suspects: burgemeester, wethouders, raadsleden. Daarachter het gewone volk, keuvelend over de laatste roddels en nieuwtjes.

De minister, open als hij was, trok zich op zijn beurt niets aan van het advies van de burgemeester en mengde zich toch onder het volk. Tevergeefs. De gesprekken staakten met hem in de buurt. De Noordhorners knikten weliswaar vriendelijk, de kaken bleven op elkaar. Nieuwtjes en roddels moesten vooral in het dorp blijven.

In een laatste poging het ijs te breken vroeg Plasterk aan de eerste de beste wat die er nu van vond.

Het antwoord was kort: ‘Wij vinden niks, meneer de minister. Wij zien wel.’

(Uitgesproken in de nacht van 10 op 11 februari 2014, in het VPRO-radioprogramma Nooit Meer Slapen in de rubriek 'Schrijvers over de actualiteit'. Opgetekend op de vooravond van het debat waarin Plasterk zich moet verantwoorden voor zijn uitspraken over de 1,8 miljoen afgeluisterde telefoontjes. In plaats van daar in oktober iets over te zeggen had hij beter kunnen zwijgen. Hoewel bovenstaande fictie is, heeft het bezoek van Plasterk aan Noordhorn echt plaatsgevonden, in april 2013. Te beluisteren via deze link, na het journaal van 01.00 uur)